Onbeperkt bluswater, zolang de druk er is
Een brandslanghaspel is een vaste installatie die op de waterleiding is aangesloten en continu onder druk staat. Waar een draagbare blusser na dertig tot vijftig seconden leeg is, kan een haspel doorgaan zolang er waterdruk is. Dat is het grootste voordeel en meteen ook de belangrijkste beperking.
Haspels worden vooral toegepast in scholen, kantoren en bedrijfsgebouwen, doorgaans vanaf een vloeroppervlak van zo’n 500 m². Ze blussen met water en dekken daarmee uitsluitend brandklasse A, vaste stoffen zoals hout, papier en textiel.
Velco levert en onderhoudt brandslanghaspels sinds 1968, samen met brandblussers de oudste activiteit van het bedrijf.
Brandslanghaspel kopen?

Vertrouwd door
Waarom kiezen voor een Velco brandslanghaspel?
Onze haspels zijn gecertificeerd volgens NEN-EN 671-1, de productnorm voor brandslanghaspels met vormvaste slang. Compleet geleverd met beugel, slanggeleider en straalpijp.
Verkrijgbaar in drie slangdiameters en drie lengtes, met of zonder haspelkast. Welke uitvoering je nodig hebt volgt uit het vloeroppervlak dat de haspel moet bestrijken.
Voor haspels geldt NEN-EN 671-3, niet de NEN 2559 die voor brandblussers geldt. Jaarlijkse keuring en elke vijf jaar een beproeving op maximale werkdruk.
Onze adviseurs bepalen op locatie hoeveel haspels je nodig hebt en of er draagbare blustoestellen bij moeten.
Hoe werkt een brandslanghaspel?
Een haspel is permanent aangesloten op de waterleiding en staat continu onder druk. Er hoeft dus niets te worden aangesloten of aangevoerd: het bluswater is er al. Wel kost het uitrollen tijd, dus snel ter plaatse zijn is iets anders dan snel kunnen blussen.
De slang zelf is vormvast, wat betekent dat hij rond blijft ook als er geen water in staat, net als een tuinslang. Daardoor kan de slang al onder druk staan terwijl hij nog deels op de trommel ligt. Bij een platoprolbare slang, de uitvoering volgens NEN-EN 671-2, kan het water pas stromen als de slang volledig is afgerold.
Om te functioneren moet de aansluiting voldoen aan de eisen: een statische druk van minimaal 100 kPa en een capaciteit van ten minste 1,3 m³ per uur. Bij twee gelijktijdig geopende haspels komt dat neer op minimaal 21,67 liter per minuut per haspel.
Doorgaan zolang er waterdruk op staat.
Slanglengte plus vijf meter waterstraal.
Blijft rond, ook zonder waterdruk.
Zit vast, dus altijd op zijn plek.
Zo gebruik je een brandslanghaspel
Op elke haspel staat een gebruiksinstructie. Volg die, want de volgorde kan per uitvoering verschillen. In grote lijnen komt het hierop neer.
Open de hoofdkraan. Bij sommige uitvoeringen doe je dit eerst, bij andere pas nadat de slang is uitgerold. Kijk wat er op de haspel staat.
Rol de slang volledig uit, in de richting van de brand. Doe dit met twee personen als dat kan. Volledig uitrollen is geen formaliteit: een slang die nog deels op de trommel ligt geeft onvoldoende waterdruk en kan bovendien knikken tijdens het blussen.
Open pas daarna de straalpijp. Niet eerder.
Richt op de basis van het vuur, niet op de vlammen. Een brand dooft alleen door de bron te blussen.
Blus vanaf een veilige afstand en houd een vluchtweg achter je.
De straalpijp heeft meerdere standen, doorgaans dicht, sproeistraal en volle straal. Een sproeistraal koelt breder en beschermt je beter tegen de hitte, een volle straal reikt verder en dringt dieper door.
Voordelen van een brandslanghaspel
Een draagbare blusser is binnen een minuut leeg. Bij een haspel is dat geen factor: zolang de waterleiding druk levert kun je doorgaan. Voor een beginnende brand in vaste stoffen is dat een wezenlijk verschil, zeker als het even duurt voordat de brandweer er is.
Daarbij komt het bereik. Met een slang van 20 tot 30 meter plus de waterstraal dek je een aanzienlijk vloeroppervlak vanaf één punt.


Nadelen en beperkingen
- Alleen brandklasse A: Een haspel blust met water en is daarmee uitsluitend geschikt voor vaste stoffen. Voor vloeistoffen, gassen, vet, metaal en accubranden zijn andere blusmiddelen nodig. Op apparatuur onder spanning mag je een haspel niet gebruiken.
- Afhankelijk van de waterdruk: Valt de druk weg, dan heb je niets. Dat is precies waarom er naast haspels altijd draagbare blustoestellen wenselijk zijn: die werken ook als de waterleiding het laat afweten.
- Beperkt bereik: De maximale slanglengte is 30 meter. Verder kom je niet, want de haspel zit vast aan het gebouw.
- Minder wendbaar: Manoeuvreren met een uitgerolde slang is lastiger dan met een handblusser. Om de slang uit te rollen zijn in de praktijk vaak twee personen nodig.
- Waterschade: Water blust goed, maar richt ook schade aan. In ruimtes met apparatuur, archief of voorraad kan die schade groter zijn dan die van de brand.
Een haspel alleen is zelden genoeg
Dit is de belangrijkste afweging en hij wordt vaak overgeslagen.
Bij projectering volgens NEN 4001 telt een brandslanghaspel mee als basisbeveiligingseenheid, mits die geschikt is voor de brandklasse in die zone. Uitgangspunt daarbij is dat de haspel het hele vloeroppervlak van de ruimte bestrijkt.
Toch zijn draagbare blustoestellen daarnaast vrijwel altijd gewenst, om twee redenen. Ze werken ook als de waterdruk wegvalt. En ze dekken de brandklassen die een haspel niet dekt: vloeistoffen, gassen, vet en accubranden.
Een verzekeraar kan bovendien eisen dat er naast de haspels draagbare toestellen hangen, ook als de projectering dat niet strikt voorschrijft.
Onze projecteringsdeskundigen bepalen op locatie welke combinatie bij jouw pand past.
Verkrijgbaarheid
Onze brandslanghaspels zijn er in drie slangdiameters: ½ inch, ¾ inch en 1 inch. De ¾ inch is verreweg het meest toegepast.
De slang is leverbaar in 20, 25 en 30 meter. Het bereik is de slanglengte plus ongeveer 5 meter, de afstand die de waterstraal aflegt. Welke lengte je nodig hebt volgt uit het vloeroppervlak dat de haspel moet bestrijken.
Wil je de haspel uit het zicht, dan is er de haspelkast. Die is er ook in een vorstvrije uitvoering voor buiten of in een koude omgeving. Een pictogram blijft in dat geval verplicht, zodat de haspel van afstand herkenbaar is.
Onderhoud volgens NEN-EN 671-3
Voor brandslanghaspels geldt een eigen onderhoudsnorm. Niet de NEN 2559 die voor draagbare blustoestellen geldt, maar NEN-EN 671-3.
Jaarlijks een keuring door een REOB-erkend bedrijf. Daarbij wordt de slang volledig uitgerold en gecontroleerd op haarscheurtjes en lekkage, worden lagers en kranen nagelopen, wordt een remtest en een debietmeting uitgevoerd en wordt gekeken of de handleiding en de productiegegevens leesbaar zijn.
Elke vijf jaar wordt de slang beproefd op de maximale werkdruk. Slaagt hij niet, dan moet de slang worden vervangen.
Aanduiding verplicht. Op de installatie moet zichtbaar zijn wanneer die voor het laatst is onderhouden of gekeurd.
Onze monteurs controleren daarbij ook de keerklep. Een haspel zit op het drinkwaternet en het water in de slang staat stil, wat een risico op legionella of andere besmetting geeft. Een goed werkende keerklep voorkomt dat dat water terugstroomt in de leiding.
Naast de technische staat kijken we naar herkenbaarheid en bereikbaarheid. Een haspel die achter kasten is weggewerkt voldoet technisch, maar werkt in de praktijk niet.

Onderhoud op locatie
Laat je blusmiddelen jaarlijks keuren, zo ben je verzekerd van een werkend middel op het moment dat het nodig is. Onze REOB-opgeleide monteurs onderhouden jouw brandslanghaspels en brandblussers volgens de geldende normen en wetgeving. Daarnaast verzorgen we onderhoud aan noodverlichting, rookmelders, EHBO-koffers en AED’s.
Brandklassen

Brandklasse A: vaste stoffen
Hout, papier, textiel en kunststof. Water koelt het materiaal en dringt erin door, waardoor nagloeien wordt voorkomen. Dit is de enige brandklasse die een haspel dekt.
Voor vloeistoffen, gassen, vet, metaal en accubranden heb je een ander blusmiddel nodig. Bekijk het overzicht bij keuze van de juiste brandblusser.
Waarom je brandbeveiliging regelen bij Velco?
1. Projectering door deskundigen
Waar de blusmiddelen komen te hangen en hoeveel je er nodig hebt, volgt uit een risico-inventarisatie en de projecteringszones volgens NEN 4001. Onze monteurs zijn projecteringsdeskundigen, dus die beoordeling gebeurt op locatie en niet op basis van een vuistregel.
2. Onderhoud in eigen beheer
De jaarlijkse keuring voeren onze eigen REOB-opgeleide monteurs uit, op jouw locatie. Er komt geen derde partij tussen, waardoor je één aanspreekpunt houdt van advies tot en met onderhoud.


3. Aantoonbaar brandveilig
Na elke servicebeurt ontvang je een onderhoudsrapport en een attest dat je aan verzekeraar of inspectie kunt overleggen. Zo is je brandveiligheid niet alleen geregeld maar ook aantoonbaar.
4. Totaalleverancier van (brand)veiligheid
Naast blusmiddelen verzorgen wij nood- en vluchtwegverlichting, BHV-opleidingen, EHBO-koffers en AED’s. Dat scheelt losse contracten en losse keuringsmomenten.
Veelgestelde vragen
Voor welke brandklasse is een brandslanghaspel geschikt?
Alleen voor brandklasse A, vaste stoffen zoals hout, papier en textiel. Een haspel blust met water en is niet geschikt voor vloeistoffen, gassen, vet, metaal of accubranden. Op apparatuur onder spanning mag je hem niet gebruiken.
Welke norm geldt voor het onderhoud van een brandslanghaspel?
NEN-EN 671-3. Dat is een andere norm dan NEN 2559, die voor draagbare blustoestellen geldt.
Hoe vaak moet een brandslanghaspel gekeurd worden?
Jaarlijks door een REOB-erkend bedrijf. Elke vijf jaar wordt de slang daarnaast beproefd op de maximale werkdruk.
Heb ik naast een haspel ook draagbare blussers nodig?
Vrijwel altijd wel. Een haspel werkt niet als de waterdruk wegvalt en dekt bovendien alleen brandklasse A. Draagbare toestellen vangen beide op. Een verzekeraar kan ze bovendien apart eisen.
Hoe ver reikt een brandslanghaspel?
De slanglengte plus ongeveer 5 meter waterstraal. Bij een slang van 30 meter kom je dus tot rond de 35 meter.
In welke maten zijn brandslanghaspels verkrijgbaar?
In drie slangdiameters: ½, ¾ en 1 inch, waarvan ¾ het meest wordt toegepast. De slang is er in 20, 25 en 30 meter.
Waarom wordt de keerklep gecontroleerd?
Omdat een haspel op het drinkwaternet zit en het water in de slang stilstaat. Dat geeft een risico op legionella of andere besmetting. Een goed werkende keerklep voorkomt dat dat water terugstroomt in de leiding.
Moet ik de slang helemaal uitrollen voordat ik blus?
Ja. Een slang die nog deels op de trommel ligt geeft onvoldoende waterdruk en kan knikken tijdens het blussen. Rol hem volledig uit in de richting van de brand en open pas daarna de straalpijp. Op elke haspel staat een gebruiksinstructie, volg die voor de precieze volgorde.
Mag een brandslanghaspel in een kast worden weggewerkt?
Ja, dat gebeurt vaak in kantoren. De kast mag niet op slot en er hoort een pictogram op, zodat de haspel van afstand herkenbaar blijft.

Hoe brandveilig is jouw organisatie?
Voldoe aan de laatste wetgeving en zorg voor een brandveilige organisatie voor jouw collega's. Neem vandaag nog contact met ons op.





















