Velco Brandveiligheid noodverlichting

Noodverlichting en vluchtrouteaanduiding

 

Noodverlichting, vluchtwegverlichting, vluchtrouteverlichting vluchtwegaanduiding en transparantverlichting wordt vaak door elkaar gebruikt. Dat is op zich niet zo spannend maar voor de duidelijkheid houden wij het hier op noodverlichting als verzamelnaam voor de vluchtwegverlichting aan het plafond en hanteren we vluchtrouteaanduiding voor de pictogrammen die u de weg richting de uitgang wijzen.

Waarom moet U noodverlichting hebben?

Noodverlichting is er in de eerste plaats om bij een stroomstoring een gebouw veilig te kunnen verlaten. Als de stroom wegvalt en het ineens donker is, kan dat leiden tot verwarring, desoriëntatie of angst. Noodverlichting stelt mensen in staat (gevaarlijke) processen veilig te beëindigen, zich te oriënteren op hun omgeving en de weg naar de dichtstbijzijnde nooduitgang te vinden. Het helpt paniek te voorkomen en verkleint de veiligheidsrisico's.

Soorten Noodverlichting

We maken hier onderscheid tussen 4 soorten noodverlichting:

Vluchtwegverlichting

Vluchtwegverlichting is een variant van noodverlichting

De vluchtwegverlichting is de noodverlichting die in de gangen en grote ruimtes is aangebracht om de ruimte en de vluchtwegen te verlichten. Moet de vluchtwegverlichting altijd branden? Nee. De vluchtwegverlichting hoeft alleen te branden als de stroom wegvalt. Tijdens normaal gebruik mag de vluchtwegverlichting uit zijn. Hoe lang moet de vluchtwegverlichting branden? De vluchtwegverlichting moet minimaal 1 uur branden of zo veel langer als het nodig is om de ruimte te verlaten. In de praktijk zijn er noodverlichtingsarmaturen in uitvoeringen van 1 uur en van 3 uur brandtijd. Welke U moet kiezen is afhankelijk van de situatie. Is het gebouw binnen 60 minuten ontruimt dan is de brandtijd van 1 uur voldoende. Kijk goed naar het ontruimingsplan en kies de juiste uitvoering. De verlichtingssterkte van de vluchtwegverlichting moet minimaal 1 lux bedragen. (1 lux is vergelijkbaar met het licht van een volle maan.)

Vluchtrouteaanduiding / transparantverlichting

Vluchtrouteaanduiding zijn de bekende nooduitgangspictogrammen

Dit zijn de bekende nooduitgangspictogrammen in alle vormen. Ook hier de vraag of vluchtrouteaanduiding altijd moet branden. Ja, in de regel moet de vluchtrouteaanduiding altijd branden. 24 uur per dag. Toch zijn er uitzonderingen op deze regel. Denk bijvoorbeeld aan bioscopen. Het is niet zo dat U de vluchtrouteaanduiding alleen in noodgevallen kan laten branden omdat u dat comfortabeler vindt. Daar moeten goede motieven aan ten grondslag liggen en er zal aan een aantal andere randvoorwaarden moeten worden voldaan. Bij de vluchtrouteaanduiding zijn standaard pictogrammen voorgeschreven. Dat is in de afgelopen jaren gewijzigd, waardoor er verschillende pictogrammen worden gehanteerd. Wilt U weten welke pictogrammen gebruikt moeten worden kijk dan bij pictogrammen vluchtrouteaanduiding.

Anti paniek verlichting

Anti-paniekverlichting is om paniek of gevaarlijke situatie te voorkomen

Anti-paniekverlichting is er om paniek of gevaarlijke situatie te voorkomen. Het wordt toegepast in ruimtes waar veel mensen zich tegelijk bevinden. Bijvoorbeeld een discotheek, kantine of vergaderruimte. In de NEN EN 50172 is een beschrijving gemaakt van ruimtes waar anti-paniekverlichting zou moeten zijn voorzien.

Dat zijn “Ruimten of niet gedefinieerde vluchtroutes in hallen of gebouwdelen groter dan 60 m2, of kleinere ruimten wanneer daar een mogelijk gevaarlijke situatie kan ontstaan, zoals bij gebruik door grote groepen mensen.”  Met de anti paniekverlichting kunnen groepen mensen zich oriënteren en aansluiting vinden naar een vluchtroute. De verlichtingssterkte van de vluchtwegverlichting moet minimaal 0,5 lux bedragen.

Noodverlichting voor werkplekken met een verhoogd risico

Vluchtrouteaanduiding is de verlichting van werkplekken met een verhoogd risico

De verlichting van werkplekken met een verhoogd risico is er voor de veiligheid van de personen die verantwoordelijk zijn voor gevaarlijke processen of in een gevaarlijke situatie kunnen komen wanneer de verlichting wegvalt. Hierbij kan gedacht worden aan werkplekken met draaiende of bewegende delen, chemische processen, hete delen of brandbare materialen. Voor die werkplekken is het nodig om een afsluitprocedure uit te voeren, ook wanneer de stroom en normale verlichting wegvalt.
Welke werkplekken aangemerkt worden als werkplekken met een verhoogd risico vindt U terug in de RI&E. De NEN-EN 1838 schrijft voor aan welke eisen de noodverlichting voor die werkplekken moet voldoen. Dat zijn bijvoorbeeld eisen aan de verlichtingssterkte en reactietijd van de noodverlichting. De verlichtingssterkte van de verlichting van werkplekken met een verhoogd risico moet minimaal 10% van de normale verlichtingssterkte bedragen met een minimum van 15 lux. Dus voor een werkplek met normaal 500 Lux verlichtingssterkte moet de noodverlichting minimaal 50 Lux verlichtingssterkte leveren.


Eisen aan noodverlichting

Noodverlichting moet voldoen aan een aantal voorwaarden. Deze prestatie-eisen zijn terug te vinden in diverse normen zoals de NEN1010 de NEN-EN 1838, de NEN 3011 en de NEN-EN-ISO 7010. Die prestatie-eisen gaan over de minimale verlichtingssterkte, de brandduur en de reactietijd van de noodverlichting. Aanwezigheid van noodverlichting wordt vanuit verschillende kanten verwacht, al dan niet met een verplichtend karakter. Wetgeving uit bouwbesluit en het Arbobesluit spelen een centrale rol waarbij U vanuit het bouwbesluit moet denken aan gebouwgebonden en vluchtgebonden eisen en vanuit het Arbobesluit staan voorschriften met betrekking tot veilig werken en voorkomen van paniek.

Wanneer is noodverlichting verplicht?

Wanneer U wilt weten wat uw verplichtingen zijn ten aanzien van noodverlichting dan zult U dat voornamelijk terug kunnen vinden in het Bouwbesluit, het Arbobesluit en de relevante NEN-normen en ISO-normen. In het bouwbesluit en Arbobesluit vindt U de wettelijke verlichtingen terug en de NEN geeft de stand van de techniek aan. Soms wordt ernaar een NEN norm verwezen vanuit de wet en dan is deze NEN norm verplicht. Wanneer er niet naar verwezen wordt is het nog wel de algemene stand der techniek. Daar mag U dan van afwijken, maar moet U achteraf wel kunnen uitleggen waarom uw oplossing minimaal even goed is als de norm.

Het bouwbesluit voor nieuw en bestaande bouw beschrijft onder andere in artikel 6.1, 6.2 en 6.3 de eisen ten aanzien van verlichting en noodverlichting. Het uitgangspunt hierbij is dat een gebouw een zodanige verlichtingsinstallatie moet hebben dat het bouwwerk veilig kan worden gebruikt en verlaten. Als U dat uitgangspunt meeneemt in al uw beslissingen over de noodverlichting is iedere vraag betrekkelijk eenvoudig te beantwoorden.

Wanneer U het bouwbesluit gaat lezen wordt het iets complexer. Het bouwbesluit gaat uit van gebruiksfuncties zoals bijeenkomstfunctie, celfunctie, gezondheidzorgfunctie, industriefunctie, kantoorfunctie, logiesfunctie, onderwijsfunctie, sportfunctie en winkelfunctie. Afhankelijk van de gebruiksfuncties zijn de eisen uit het bouwbesluit wel of niet van toepassing.
Wilt U weten welke eisen in uw geval van toepassing zijn?

Noodverlichting in het bouwbesluit

Het bouwbesluit beschrijft dat noodverlichting verplicht is in verblijfruimtes met meer dan 75 personen. Het is verplicht om noodverlichting te hebben in de ruimte zelf en in de gang of vluchtroute die naar de dichtstbijzijnde (nood)deur leidt. Bijvoorbeeld een vluchtroute loopt door een verkeersruimte (gang) maar er moet een deur geopend worden om bij de uitgang te komen dan moet deze gang ook worden voorzien van noodverlichting.

Wanneer moet de noodverlichting gaan branden? Binnen 15 seconden na het wegvallen van de spanning. en vervolgens minimaal 60 minuten aaneengesloten een lichtsterkte geven van ten minste 1 lux op de vloer. Moet een parkeergarage voorzien zijn van noodverlichting? In het bouwbesluit wordt gesproken over meetniveau, in de meeste gevallen het niveau van de hoofdingang. Is er sprake van een ruimte onder dat niveau, zoals bijvoorbeeld een parkeergarage dan moet die worden voorzien van noodverlichting. Ook hier weer zowel de noodverlichting als de vluchtrouteaanduiding.

Dan zijn er nog de zogenaamde kritieke ruimtes in het gebouw die voorzien moeten zijn van noodverlichting. Bijvoorbeeld de technische ruimte voor hoofdschakel en verdeelinrichtingen, liftmachinekamers, regieruimtes projectieafdelingen etcetera.

Wie is er verantwoordelijk voor de noodverlichting?

Dit is een vraag die vaak aan Velco medewerkers gesteld wordt. Dus wie moet de kosten van de noodverlichting dragen. Zowel qua aanschaf als het jaarlijks onderhoud van de noodverlichting. Het bouwbesluit stelt dat de eigenaar van het gebouw verantwoordelijk is voor de aanwezigheid en het functioneren van de noodverlichting. Het is waarschijnlijk iets complexer dan dat. Immers het gebruik van het gebouw en de gebruiksfunctie kan wel eens later zijn bepaald bij de ingebruikname door de huurder.
Dan is er nog de Arbowet. Die kijkt alleen naar de veiligheid van de gebruikers in het gebouw en zal de werkgever verantwoordelijk maken. Wie de kosten gaat betalen is afhankelijk van de afspraken tussen huurder en verhuurder in de huurovereenkomst. Het is niet ongebruikelijk dat de verhuurder de initiële aanschaf heeft gedaan en de huurder het onderhoud voor haar rekening neemt. Komt U bij complexere vraagstukken er niet uit vraag dan een van onze specialisten om advies.

Vluchtrouteaanduiding

Het bouwbesluit stelt dat een ruimte voor meer dan 50 personen is voorzien van vluchtrouteaanduiding. Dat is dus iets strenger dan bij de noodverlichting. Dit betekent dat een ruimte waar zich meer dan 50 personen in kunnen bevinden voorzien moet zijn van de groene vluchtrouteaanduiding.

De vluchtrouteaanduiding wordt geplaatst op een duidelijke en zichtbare plaats. De vluchtrouteaanduiding moet zodanig zichtbaar zijn dat iedereen de vluchtrouteaanduiding moet kunnen zien en herkennen. Er zijn dus eisen tussen de kijkafstand tot het vluchtwegbord en de grootte van het bord. De hoogte van het pictogram is minimaal 200x de afstand tot het bord. Dus bij een kijkafstand van 20 meter is de hoogte van het vluchtwegpictogram minimaal 10 cm.

Is uw vluchtweg langer dan 20 meter dan moet U de vluchtweg met meerdere vluchtrouteaanduidingen aangeven of grotere vluchtrouteaanduidingen gebruiken. Dat ziet U bijvoorbeeld op vliegvelden of in bouwmarkten.

Pictogrammen vluchtrouteaanduiding

De vluchtrouteaanduiding geeft alle vluchtroutes, nooduitgangen en nooddeuren aan. Als een nooduitgang niet direct zichtbaar is, dan moeten richting aangevende signaleringen helpen de nooduitgang te vinden. Hiervoor worden de pictogrammen uit NEN-EN-ISO 7010 (2012) gebruikt:

Velco vluchtroute pictogram beneden rechts Velco vluchtroute pictogram boven Velco vluchtroute pictogram links Velco vluchtroute pictogram rechts

 Voor de invoering van de NEN-EN-ISO 7010 waren de pictogrammen uit de NEN 6088 van toepassing.

Velco vluchtroute pictogram beneden rechts Velco vluchtroute pictogram boven Velco vluchtroute pictogram links Velco vluchtroute pictogram rechts

 Een van de bijzondere wijzigingen hiermee is niet alleen de vormgeving, maar met name de betekenis van het rechtdoor pictogram. Dat is gewijzigd. Beide pictogrammen hieronder betekenen hetzelfde:

Velco vluchtroute pictogram beneden rechts Velco vluchtroute pictogram boven    
Rechtdoor volgens ISO7010 Rechtdoor volgens NEN6088    

Nu de NEN6088 is ingetrokken komt de gebruiker voor de keus te staan. Alle pictogrammen vervangen door de ISO7010 pictogrammen of de oude NEN6088 handhaven. De pictogrammen volgens de NEN6088 zijn steeds moeilijker leverbaar. Alle pictogrammen vervangen door pictogrammen volgens de ISO7010 zou een onnodige lastenverzwaring zijn. Het door elkaar gebruiken van beide pictogrammen is de meest aannemelijke oplossing en wordt aanvaard door toezichthouders. In de praktijk is gebleken dat het geen verwarrende situaties oplevert.

Decentrale noodverlichting of centrale noodverlichting

We maken onderscheid tussen twee typen noodverlichtingsinstallaties: een decentrale noodverlichting en een centrale noodverlichting. Decentrale noodverlichting bestaat uit een armatuur met een ingebouwde batterij en een lader, rechtstreeks worden aangesloten op netstroom. De decentrale noodverlichting is bij stroomuitval nog steeds in werking door de ingebouwde batterij en is niet afhankelijk van netstroom. Decentrale armaturen is verreweg het meest voorkomende systeem van noodverlichtingsinstallaties.

Centrale noodverlichting bestaat uit armaturen, die niet zijn voorzien van een eigen voedingsbron en lader. De armaturen worden direct vanuit een centraal systeem van noodstroom voorzien. Voor de zekerheid hebben deze systemen daarom vaak meerdere centrale noodvoedingssystemen.

Jaarlijks onderhoud aan noodverlichting

Wanneer de noodverlichting is geplaatst is de vraag of er ouderhoud moet worden gepleegd aan de noodverlichtingsarmaturen. Het antwoord daarop is Ja. Noodverlichtingsarmaturen moeten minimaal 1 x per jaar worden onderhouden. En geldt dat ook voor LED noodverlichting? Ook noodverlichtingsarmaturen die met LED lampen zijn uitgerust moeten jaarlijks worden onderhouden. Door veroudering, stof, warmte, koude en vocht zullen noodverlichtingsarmaturen na verloop van tijd minder gaan functioneren of kan zelfs kortsluiting ontstaan in noodverlichtingsarmaturen. Alle reden dus voor jaarlijks onderhoud van uw noodverlichting.

Wat gebeurt er bij het onderhoud aan noodverlichting

Wat houdt onderhoud van mijn noodverlichting in

Jaarlijks worden de armaturen getest op de juiste functie. Springt de lamp na het uitvallen van de stroom snel genoeg aan? Is er voldoende lichtopbrengst? Kan goed functioneren van de lichtbron nog gegarandeerd worden tot de volgende controle? Heeft de batterij voldoende capaciteit om 1 uur volop te branden? Verder wordt er gekeken of de noodverlichting nog past in het actuele vluchtplan. Zijn de vluchtwegen nog dezelfde. Is de noodverlichting van afstand voldoende goed zichtbaar.

Dan wordt er technisch onderhoud gedaan. Door stof, vocht, koude en warmte kan een noodverlichtingsarmatuur niet goed werken of zelfs een risico vormen voor de veiligheid. De monteur zorgt ervoor dat hij de armatuur in nominale staat terugbrengt, zodat u zeker weet dat de noodverlichting weer goed functioneert. Alles wordt vastgelegd in een digitaal logboek. Seconden na afronding van het onderhoud van de noodverlichting heeft u in uw mail een heldere rapportage van de uitgevoerde werkzaamheden en de status van de noodverlichtingsarmaturen.

Moeten de lampen ieder jaar worden vervangen?

TL-lampen hebben een levensduur van ongeveer 8.000 branduren. Lampen die continue branden zoals vluchtrouteaanduiding zullen dus langer dan 1 jaar, maar korter dan 2 jaar branden. Deze worden door ons bij het jaarlijks onderhoud vervangen. LED lampen geven aan 100.000 branduren mee te kunnen gaan en worden niet preventief vervangen.

Moeten Accu’s na 4 jaar worden vervangen?

De accu van uw noodverlichting testen is belangrijk

Nee dat hoeft niet. Veel onderhoudsbedrijven vervangen de accu’s automatisch na 4 jaar. Velco vervangt de accu’s niet preventief, maar voert een accucapaciteitsmeting uit en bepaalt aan de hand van die meting of de accu nog voldoende sterk is om nog ingezet te worden. Hierdoor kan de accu vele jaren langer meegaan dan deze 4 jaar. Dit bespaart jaarlijks een enorme hoeveelheid accu’s die onterecht worden afgevoerd en is hiermee winst voor het milieu en de uw portemonnee.

Lees meer over de winst van accucapaciteitsmeting

Is de vastlegging in een (digitaal) logboek verplicht?

Ja, er zijn weliswaar geen eisen aan de manier waarop het onderhoud van de noodverlichting wordt vastgelegd, maar het moet wel aantoonbaar zijn dat het onderhoud heeft plaatsgevonden. Wat moet U dan vastleggen? In ieder geval wanneer het onderhoud aan de noodverlichting heeft plaatsgevonden, wie het heeft uitgevoerd, wat er is gedaan en wat het eindresultaat is geweest. Niet moeilijk, maar het moet wel gebeuren.

Wie mag de noodverlichting onderhouden?

De noodverlichting mag in principe door iedereen worden onderhouden, zolang de monteur maar over voldoende vakkennis en vaardigheden beschikt om dat op een juiste en veilige methode te doen. Dat kan iemand van de eigen technische dienst zijn, of een extern gespecialiseerd onderhoudsbedrijf zoals Velco. In beide gevallen geldt dat het onderhoud aantoonbaar moet worden vastgelegd in een logboek. Ook moet duidelijk zijn wie dit onderhoud heeft uitgevoerd en of deze persoon voldoende opgeleid is voor deze werkzaamheden.

Velco neemt de zorg voor het onderhoud graag van u over

Ja, ik wil ook een onderhoudsabonnement voor Noodverlichting


De samenhang van de normen over noodverlichting.

 Hieronder een overzicht van de verschillende normen met betrekking tot noodverlichting. Wanneer u informatie zoekt over noodverlichting kunt u hier zien waar u dat kan vinden.

EN60598-2-22 De EN60598-2-22 is een Europese productienorm voor elektronische veiligheid bij noodverlichtingsarmaturen. Volgens deze norm is de fabrikant verplicht om een accu te kiezen die minimaal 4 jaar voldoende capaciteit levert.
 NEN 1010  De NEN 1010 is de norm voor veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallatie
NEN 1838 De NEN 1838 geeft de licht technische voorschriften voor noodverlichting in gebouwen.
NEN-EN ISO 7010 De NEN-EN-ISO 7010 beschrijft de veiligheidssymbolen en pictogrammen die gebruikt worden voor de vluchtrouteaanduiding.
NEN 6088 De NEN 6088 beschrijft de te gebruiken pictogrammen bij noodverlichtingsarmaturen. De norm is weliswaar ingetrokken maar er zijn nog veel noodverlichtingsarmaturen in omloop volgens deze norm.
NEN-EN 50172 De NEN-EN 50172 beschrijft de voorschriften voor noodverlichtingsinstallaties, qua ontwerp, systeem en onderhoud.
NEN-EN 50171 De NEN-EN-50171 beschrijft de eisen voor centrale noodverlichtingssystemen.
NEN 2443 De NEN 2443 beschrijft onder andere de eisen aan noodverlichtingsinstallaties in parkeergarages.
ISSO 79 De ISSO 79 beschrijft de inspectie en het onderhoud van noodverlichtingsinstallaties.

 Komt u er niet uit? Neem contact op. Wij helpen u graag.

Bel 0541 - 51 39 53

Tags: Noodverlichting, vluchtwegverlichting, Vluchtrouteverlichting, Vluchtwegaanduiding, Transparantverlichting